Het is in Nederland wettelijk verplicht om kinderen onderwijs te laten volgen. Wanneer er een verplichting is om dit op een school te doen, wordt dat ook wel schoolplicht genoemd. Dit verschilt per land. Sommige landen staan thuisonderwijs toe en in andere landen niet of slechts in enkele gevallen.

Het begin
De leerplichtwet werd in Nederland  aangenomen in 1900 en ging het jaar erop in 1901 van start. Volgens die eerste wet moesten kinderen van zes tot twaalf jaar onderwijs volgen. Sommige kinderen werden uitgezonderd, zoals boerenkinderen tijdens oogsttijd of dochters die voor het gezin moesten zorgen. In 1969 kwam een nieuwe leerplichtwet, die de leerplichtperiode verlengde van zes naar negen jaar. Ook kam er een toezichthouder die de naleving van de leerplichtwet moest controleren.

Vanaf de jaren ‘70
In 1975 werd de periode weer verlengd, naar tien jaar. Toen kwam ook de toevoeging dat een kind na zijn tiende nog minstens twee dagen per week naar school moet tot het schooljaar waarin het kind zeventien jaar is geworden. Deze partiële leerplicht werd meestal vervuld in een vormingscentrum, waar veel maatschappijleer werd gegeven om de jeugd weerbaarder te maken. Maar veel jongeren wisten zich aan de partiële leerplicht te onttrekken en werkgevers namen bijna geen jongeren aan van zestien, want dan moesten ze hen twee dagen in de week verlof geven. Tien jaar later, in 1985, kwam de Wet op het basisonderwijs. De kleuterschool voor kinderen van vier en vijf jaar werd samengevoegd met de lagere school tot de basisschool. Vanaf die tijd moesten kinderen ook een maand na hun vijfde verjaardag naar school.

Nu
logo_siteIn de miljoenennota van 2007 werd aangegeven dat de leerplicht per 1 augustus 2007 werd verhoogd van tot volledig leerplichtig tot achttien jaar, voor zij die geen diploma hebben behaald van minimaal mbo-niveau 2 of minimaal havo of vwo. De bedoeling van toenmalig kabinet-Balkenende III was voortijdig schooluitval bestrijden. Nu geld de leerplicht in Nederland dus als volgt: ieder kind is een maand na zijn vijfde verjaardag leerplichtig, tot de achttiende verjaardag. Partiële leerplicht is vervallen. Van de ouders wordt verwacht dat zij zorgen dat hun kinderen bij een school staan ingeschreven en de lessen bezoeken. Vanaf hun twaalfde zijn ook jongeren zelf verantwoordelijk voor hun schoolbezoek.